Bami goreng met zelfgemaakte boemboe
Een zakje boemboe uit de supermarkt is prima voor een doordeweekse avond, maar wie trassi en de rest in huis heeft, maakt het in vijf minuten zelf, en dat proef je. Rooster de trassi eerst: rauw is ze scherp en bijna chemisch, geroosterd diep en zout.
Daarna is er één stap die het verschil maakt: bak de pasta in olie tot de olie zich afscheidt en alles sterk geurt. In Indonesië heet dat tumis. Pas dan gaan kip en groenten erin.
- Voor
- 4 personen
- Voorbereiding
- 25 min
- Wokken
- 20 min
Ingrediënten
Boemboe
Saus
Wok
Afwerking
Bereiding
- Rooster de trassi een paar minuten in een droge pan of in aluminiumfolie, tot ze sterk geurt. Rooster het korianderzaad kort mee.
- Maal alle ingrediënten van de boemboe in een vijzel of kleine blender tot een pasta, met de olie om ze smeerbaar te maken.
- Kook de mie volgens de verpakking, meestal drie à vier minuten. Giet af, spoel kort koud en meng met de sesamolie, zodat hij niet plakt. Roer de ingrediënten van de saus door elkaar.
- Werk in twee porties, anders koelt de wok af. Bak per portie de helft van de boemboe drie à vier minuten in olie op middelhoog vuur, tot de olie zich afscheidt en het sterk geurt.
- Zet het vuur hoog en bak de helft van de kip drie à vier minuten tot ze gaar is. Voeg de helft van de wortel en spitskool toe en wok twee minuten; de groenten mogen beet houden.
- Schuif alles opzij, giet de helft van de eieren in de vrije ruimte en roerbak tot ze in stukjes gestold zijn. Meng door de rest.
- Voeg de helft van de mie, de taugé en de saus toe en hussel één à twee minuten tot alles heet en gelijkmatig gekleurd is. Herhaal voor de tweede portie.
- Werk af met lente-ui en gebakken uitjes.