Flammkuchen met spek en ui
In de Elzas bakten ze flammkuchen vroeger in de broodoven, in de korte tijd dat die nog te heet was voor brood. Het deeg is daarom eenvoudig: bloem, water, olie en zout, geen gist. Het rijst niet, het moet alleen zo dun mogelijk worden.
Het origineel heeft geen kaas, alleen crème fraîche, ui en spek. Witte ui, flinterdun, en gerookt spek: zo staat het in elke Elzasser bron. De hoeveelheden zijn voor zes flammkuchen van 30 cm, anderhalve per persoon.
- Voor
- 4 personen
- Voorbereiding
- 45 min
- Bakken
- 15 min
Ingrediënten
Deeg (6 stuks)
Topping
Bereiding
- Meng bloem, water, olie en zout en kneed acht à tien minuten tot het deeg glad en elastisch is. Het mag licht plakken en warm worden: dat is normaal bij een oliedeeg.
- Laat afgedekt rusten op kamertemperatuur, minstens een halfuur, beter twee à drie uur. Hoe langer, hoe soepeler het deeg uitrolt.
- Verdeel in zes bollen van ongeveer 160 g, bol ze op en laat nog een kwartier afgedekt rusten, zodat de naad sluit.
- Snij de uien flinterdun, bij voorkeur op de mandoline, en het spek in reepjes. Breng de crème fraîche op smaak met peper, een snuf zout en wat nootmuskaat. Verdun ze niet.
- Stook de pizzaoven op tot 450 °C.
- Rol een bol zo dun mogelijk uit tot ongeveer 30 cm, bijna doorschijnend. Smeer er 80 g crème fraîche op tot dicht bij de rand en verdeel 70 g ui en 60 g spek erover.
- Bak anderhalve à twee minuten, tot de rand geblakerd is en het spek krokant. Snij in stukken en dien meteen op; bak intussen de volgende.